Hoeveel mensen hebben mijn site bekeken?

maandag 6 januari 2014

De boemerang.

De houtblokken, afkomstig van oude kozijnen van de omliggende flats, stapelden zich op in de kleine achtertuin, voorraad voor de zwarte potkachel waarin alles werd opgestookt en november was erg koud geweest; in de avonduren haalde ik de lange balken op die ik uit de afvalcontainer viste op de plek waar het hout door kunststof werd vervangen, en in het weekeinde zaagde ik ze met een geleende kettingzaag in handzame blokken waardoor zo rond december de achterplaats overvol met potentiële huiswarmte lag.

Het jaar begon, 2014, zoals elk jaar, zonder enige zekerheid; niets lijkt voorspelbaar, onvoorspelbaar, die ene kogel in juni, honderd jaar geleden, waardoor Europa fundamenteel veranderde en de aftocht van onze westerse cultuur inluidde die nog heden voortduurt en zich naar de ineenstorting spoed; ondanks alle euforisch geuitte geluiden blikte ik het nieuwe jaar in, sloeg de ogen op en trachtte over de horizon van het bestaan te kijken en voorvoelde: het gaat mis, in zoverre, dat de muren van de eurovesting er zo wankel bij staan dat ze op instorten staat; één zetje, één net even té grote leun tegen één of meerdere pilaren en de hele boel kukkelt, zonder een greintje Simsonskracht, ineen.

De eerste reis, de heenweg, de eerste reis met de DAF CX'), de kleinere uitvoering van de door mij achtergelaten XF, is eenzelfde reis, met zelfs dezelfde soort goederen, als de laatste reis met de oude Daf, bestemming Retiers, Bretange, nabij Rennes, dit keer een reis met een vervelende tussenstop; net even na Doullens: op de weg tussen Arras en Amiens ontving ik een stopteken van de gendarmerie en bij controle bleek in het voertuig door raadselachtige redenen geen zogenaamde vervoersvergunning aanwezig; oponthoud twee uur en vanwege het ontbreken van dat ene noodzakelijke a-viertje 750 euro; het minimumbedrag wat er in Frankrijk voor staat, ondanks het feit dat een exemplaar vanuit Amsterdam werd gefaxt.
Het oude jaar verliep knallend en rokend, we liepen januari binnen en in de tweede en derde week liep de temperatuur op tot lente-achtige hoogten; op de hoek van de Nassaukade en de P.C. Hooftstraat, bij mijn voormalige werkgever, stond reeds een witte Prunus prachtig te bloeien, zelfs de vogels waren in de war en thuis begon ik, luisterend naar grote weervoorspellers van die dagen, de houtvoorraad in rap tempo op te stoken zodat ik niet de hele aankomende zomer een tuintje had met in de weg liggende houtblokken en de kinderen daar niet konden spelen. Toen, toen leerde ik dat alle voorspellende toekomstblikken louter drijfzand bleken, want nadat ik in de eerste warme week van februari de laatste kozijndelen aan het vuur had prijsgegeven, werd Nederland overvallen door een onverwachts strenge vorst, zo streng, dat enkele weken later ene Evert voor de tweede keer de iisfretterstocht won en ik tot ver in maart nog met dure kolen heb moeten slepen om het thuis maar warm te houden; misschien hadden de voorspellers wel gelijk, maar toen werkte het weer allerminst mee.

Toch ook zijn er kenmerken, kenmerken die een eeuwenoude cultuur aantasten; het verval van in die cultuur ontwikkelde waarden en inmiddels hebben we alles opnieuw gekleurd en geverfd, maar de huidige kleuren zijn asgrauw vergeleken bij de kleurenpracht van enkele eeuwen terug, de aarde werd van zon, maan en sterren losgekoppeld waardoor het, ondanks alle lichtvervuiling, donkerder en killer werd, de mens voortijlend in een oneindig iets, zonder zin en waar alles zijn doel aan het verliezen is; het moderne Europa met zijn wetenschap, techniek, kennis en poen blijkt niet in staat de zelf opgeroepen crisi en problemen te bezweren en kweekt een ongevoelige, moreelloze massa, monostatussen van het laatste uur, uitgebuitene en zij die uitbuiten, de drie demonen, Kapi, Commu en Fascis verdringen zich op en om de stoep, reikhalzend en wellustig naar ongebreidelde macht; de door Nietzsche aangekondigde twee eeuwen naderen de ontknoping; wie de juiste bril voorhanden heeft en de komende maanden van 2014 inkijkt, ziet net over de horizon apocalyptische lichtflitsen die er niet om liegen; over een goede 172 dagen is het 28 juni!

Een warme, bijna zwoele wind, vanmorgen, rond vieren vertrok ik met mijn nieuwe partner voor de komende tijd. Nee, ik zeg niets meer, zeker niet over het weer; het kan, ook al bloeide langs de Seine bij Les Andelys de Japanse Kers reeds rood, nog alle kanten op, van kwakkelwinter tot strenge vorst; gebeurtenissen, en ook niet het weer, laten zich niet voorspellen. Onstuimig verliep de dag, straffe wind over opschietend winterkoren, en ook dit keer; zingende vogels met voorjaarsliederen en na negen rij-uur, nabij Alençon, zette ik het voertuig stil terwijl aan de einder een rode vuurbol achter de westelijke horizon de wijk nam.

Onze postcultuur, waarin nooit de hemel, maar wel de hel kan worden nagebootst en in Auschwitz werd voltrokken, naakt in 2014 meer en meer zijn einde terwijl de bange massa zich verstopt als een schuwe Adam in lawaai en sensatie terwijl de crisis door politiek, economie en nieuws bewust verborgen wordt gehouden door een steeds verstikkender welvaart.

De cirkel blijkt opeens rond te zijn, en het schot van 28 juni, na honderd jaren van afkalving, als een boemerang weer terug te keren.

Vannacht in Frankrijk, mijn eerste nachtje in de CX. Vandaag werd ik honderden keren gescand, gefilmd, geflitst, gevolgt; de zelfmoord van het vooruitgangsgeloof; zelfmoord met een honderjarige boemerang.

Aldus schreef ome Willem.


') CX, door mij zo genoemd. Kenners weten dat ik een CF bedoel.
---