Hoeveel mensen hebben mijn site bekeken?

zaterdag 19 september 2026

Met de fiets naar Venetië....

Vanaf Chioggia met de boot naar Pellestrina



Achter ons het stadje Chioggia, een soort mini-Venetië

Een eilandje in de lagune

Oversteek eilanden Pellestrina - Lido

Verder noordwaarts, ca 14 km over Lido, en dan met de watertaxi maar de eeuwenoude stad.  De fiets parkeerden we in het haventje van Lido....


Nog steeds gondelen.....




Piazza San Marco


Muziek bij de cappuccino....

Terug met de boor, en verder met de fiets....

Chioggia komt in zicht.....

 

vrijdag 18 september 2026

De verdubbeling

 

Het was voorjaar, misschien zelfs al een beetje zomer en hoe ik er aan kwam weet ik niet meer, zo’n overdikke zaterdageditie van De Telegraaf van ruim 120 pagina’s. Jazeker, goed geraden, in de tijd dat er nog marken, franken, peseta’s drachme’s en lires in de Europese omloop waren; in de voorsmartfoonse tijd en ik zal hem gekocht hebben voor een prijs van tussen de 4.000 en 5.000 lires in de tijd dat er voor 1.000 van deze lires één gulden zestig moest worden neergeteld.

Reeds was ik uit de watertaxi vanuit Punte Sabbioni gestapt en wandelde door de stad waar in 1883 Richard Wagner overleed naar het plein, het enige plein van de stad; het Piazza San Marco met een enorm terras vol met witbeklede tafeltjes waarop, op dat moment, werkelijk niemand aanwezig was, liep naar het midden en nam er plaats om in het morgenuur -het was omstreeks negen uur- de door mij meegetorste krant te gaan lezen en vanuit een ooghoek zag ik reeds een in smetteloos wit kostuum een ober aansnellen; ik bestelde een cola en stelde mij voor dat hier regelmatig Cosima te vinden moest zijn geweest die hier thee of een koffie had gedronken; eerst met, later zonder Richard.

Het duurde niet lang of de ober keerde, nadat hij na mijn bestelling wegliep, terug met op zijn opgeheven rechterhand een dienblad met daarop een vuurrood blikje Coca-cola, zonder glas of rietje, zette het op het witgedekte tafeltje neer en presenteerde de rekening, tienduizend lires, omgerekend 16 guldens en deze, wederom omgerekend, een goede 8 euro: 1991, het bonnetje heb ik niet meer….

 De jaren gaan en gingen voorbij; we fietsten vanuit Isola Verde naar het eeuwenoude Chioggia, een stadje op dezelfde wijze opgebouwd als Venetië, zij het met nauwelijks toeristen en een stuk kleiner in omvang. Vanuit de noordkant van het stadje voeren we over naar het eiland met het gelijknamige plaatsje Pellestrina en fietsten een 12 kilometer in noordelijke richting.

 Vanuit Santa Maria del Mare staken we met de veerboot over naar een volgend eiland, het Lido, werden afgezet nog vóór Alberoni en trapten in tegenwind verder, passeerden Malamocco en even na de middag arriveerden we bij het water- en busstation van Lido Venetië waar we de fietsten stalden en overstaken naar de met toeristen overladen beroemde stad waar nog steeds het Piazzo San Marco te vinden was.  Dit keer was ik weliswaar zonder Telegraaf, maar niet alleen omdat we met z’n tweeën waren en daarnaast ook nog eens met duizenden anderen, toeristen geheten, dus geheel anders dan in 1991 toen het bezoekersaantal nog te overzien was.

Uit één van de vele koffiehuizen klonken semi-klassieke klanken voortgebracht door een klein orkestje van een man of zes, ervoor een terrasje met tafels voorzien van crèmekleurige lakentjes en we besloten er een kopje cappuccino te drinken.

Na enkele minuten bracht cameriere Erik gekleed in een kostuum van dezelfde kleur als de tafelkleedjes de twee bestelde drankjes, vergezeld met een bonnetje, zijnde het afrekenbedrag.



32 euro, totaal, het zou destijds 40.000 lires geweest zijn en we kwamen tot de conclusie dat er tussen 1991 en 2026 een verdubbeling van de consumptieprijs had plaatsgevonden

Tijdens het nuttigen van de cappuccino en luisteren naar de muziek stelden we diverse van de ons bekende mensen op de hoogte van de cappuccinoprijs op het onderhavige plein; één van onze dochters reageerde met de vraag of er soms gouden suiker bij zat. Hoewel de kleur van de rietsuiker goud was, moesten we haar teleurstellen en we gaven als antwoord dat er zelfs geen zilver lepeltje bij zat; wél 2.91 belasting. 

En dat de kelner Erik was wisten we omdat dat op het bonnetje stond. Dát weer wel.

 

Aldus schreef ome Willem