Hoeveel mensen hebben mijn site bekeken?
zaterdag 24 juli 2010
Welkom hier.
Neemt niet weg dat er over de afgelopen week heel wat te schrijven valt, maar dat doe ik zodra er meer gelegenheid komt
Tot spoedig.
Aldus schreef ome Willem.
---
Helaas..................Helaas..................!?!
Het ging lange tijd goed. Uitstekend zelfd, maar afgelopen maand kwam er plots de klad in. De teller blijft nu hangen, vanaf mijn "telefoon" kan ik thans geen berichten meer zenden en als ik aan het weblogbeheer vragen stel krijg ik geen antwoord. Nou ja, dan maar een noodsprong maken en elders verder gaan.
Jammer, héél jammer, maar het is niet anders en er is (wellicht tijdelijk, totdat ik weer als vanouds van dit web.log.nl gebruik kan maken) nu gekozen voor blogspot en daarom kunt u in het vervolg mijn berichten lezen op willemdeschaker.blogspot.com. Aldaar zullen als vanouds weer berichten, rapporten, foto's, filmpjes en andere aardige zaken te lezen en te zien zijn.
Dus nogmaals: willemdeschaker.blogspot.com
Tot daar.
Aldus..............
zondag 18 juli 2010
De afloop.
Tja, door enige storing bij het web-log een tijdje geen berichten kunnen plaatsen en ook nu is het e.e.a. niet optimaal. Zoals de foto’s die ik netjes met de juiste onderschriften had geplaatst, anders op het log tevoorschijn komen en ook het eivel dat ik het log niet met berichten van buiten af kon aanvullen.
Inmiddels zitten we thuis en hebben vandaag nog even nagebruind, gisteren ook niet erg actief geweest en vrijdag met de oude trouwe eend van Pontalier naar huis gereden waarbij we ondermeer tussen Charmes en Nancy de Moezel volgden. Op dat gedeelte loopt er vlak langs de Moezel een kanaal die voormaals veel zal gebruikt zijn voor transportdoeleinden, maar nu voornamelijk voor pleziervaart die met trapsgewijze gebouwde sluizen een heel eind kunnen komen. En donderdag dan? Toen zijn we via Verbania de Simplonpas en daarna de Col des Mosses overgestoken en hebben het stadje Gruyére, bekend van de gelijknamige kaas, bezocht en kwamen natuurlijk ook langs het Meer van Gruyere waarna we via allerlei kleine schattige wegen (we hadden geen autobaanvignet) en via Yverdon en Saint Croix in Pontalier aankwamen waar we, er even voorbij, een prachtige herberg in boerenstijl aantroffen waar we voortreffelijk hebben gegeten en geslapen. Trouwens, de route vanaf Brig, een klein stadje waar ooit een uitvinder woonde met een hele moeilijke naam en die met name asfalt voor wegen uitvond (en voor het eerst toepaste in Monaco (1902)) naar Aigle is schitterend, want je komt dan door de wijnvelden bij Raron en Sion.
Ja, en dan nog woensdag, toen mijn zoon nog even een pasje ging beklimmen en ik met een paar anderen als toeschouwer en begeleiding hebben meegenoten: een pas met drie namen, de Lukmanier, Passo del Lucomagno en Cuolm Lukmagn, duits, italiaans en reto romaans, 1930 meter hoog, vroeger iets lager, maar over de oude doorgang werd een stuwmeer aangelegd en de nieuwe weg hoger geplaatst. Op deze pas, één van de oudste alpendoorgangen, hebben we even verkoeling gezocht en daarna weer afgedaald, via Bellinzona en Locarno weer na Verbanis, hun naar de tent, wij naar de herberg. In de avond volgde nog een stevig onweder dat ons nog uit de slaap hield. De volgende dag vertrokken we, de rest is bekend.
Aldus schreef ome Willem.
Cadzand-Bad.
woensdag 14 juli 2010
La donna del lago
Inmiddels rijden we Aosta uit over de SS 26 en houden eerst de borden Torino aan. Het weer is half bewolkt en hoe verder we komen hoe neveliger het wordt, terwijl, als je de SS 26 volgt, je even voor Ivrea langs een prachtig fort komt dat vanaf de snelweg niet of nauwelijks is te zien omdat die daar door een lange tunnel gaat.
Genève dus, net Amsterdam, en Zwitserland, dat niet te lijden heeft onder de martelende regelzucht vanuit "Europa" en daardoor redelijk gevrijwaard blijft van de verkeersdrempeldictatuur. Vanuit Ivrea, of eigenlijk even daarvoor, als we net Piemonte binnenrijden waar dus eigenlijk het echte Italië begint, buigen we af en gaan een bergruggetje over om dan in Biella te komen, een stad waar ik twee keer eerder ben geweest. De eerste keer in 1988, toen ik midden in de stad een paar paletten kaas ben wezen lossen en eind jaren negentig, toen ik met Jaap, een vriend die op die rit met mij mee was, er een hele dag doorgestruind heb omdat ik meer dan een dag moest wachten op een lading. Nu lopen we door de Via Italia, een lange winkelstraat met een galerij en ik probeer het pleintje te vinden waar ik ooit de kaas heb gelost, maar tevergeefs.
Ook op het gebied van de in Europa alom heersende veiligheidsziekte vormt het eigenwijze Zwitserland een verademende uitzondering. Erg veel wordt overgelaten aan de eigen verantwoordelijkheid van het individu wat in hoge mate de het gevoel van vrijheid bevorderd. Ook wat dat betreft: een oase in de europese regelwoestijn.
Rond het middaguur vertrekken we uit Biella en pruttelen richting Arona, over Gattinare en Romagnola Sesio. Om even voor tweeën parkeren we de eend aan (en niet in!!)het Lago Magiorre en blijven er wat rondscharrelen tot een uur of vijf.
Zelfs in de vier lagen diepe parkeergarage van Genève was het goed toeven en je moet jezelf er toe zetten die te verlaten omdat er uit de luidsprekers de mooiste muziek komt: pianoconcerten van Mozart, Beethoven en andere groten uit een ver verleden met een bijkomend positief effect dat het de criminaliteit tot nagenoeg nul verminderd.
In Arona kwamen we een kunstenaar tegen die aan de rand van het meer tegen een geringe betaling portretten tekende van voorbijgangers en met zachte dwang verzocht ik mijn ega voor hem plaats te nemen waarna hij een geweldig mooi portret van haar maakte.
Oh, ja, tot slot nog even die Gran San Bernardo van gisteren -niet te verwarren met de San Bernardino die heel ergens anders in Zwitserland ligt- die, net als de Mont Genis en de Simplon, door of onder leiding van Napoleon werd aangelegd: onze eend mag dan wel een beetje vreemd voertuig zijn geweest die deze pas overkwam; ene Hanibal deed het honderden jaren eerder met een leger olifanten (en in 1910 met één olifant nog eens nagedaan) en ik stel mij dan zo voor hoe en wat zoiets toch geweest moet zijn. En wat zullen die dikkerts gehijgt en met hun slurfen naar adem gesnakt hebben!
Vanuit Arona snorren we met de tevreden klinkende eend langs het Lago naar boven en passeren, met name in Stresa, verschrikkelijk mooie hotels waar je vermoedelijk een aanzienlijke overnachtingsprijs betaald, maar mooi zijn ze; het kleurenpalet van schilderwerk en balkonbloemen, trouwens, heel de flora rond het meer, bestaande uit palmen, blauwe, witte en rose hortensias, oranje mombretia's, alle kleuren pelargoniums, enorme hoeveelheden oleanders, rozen en nog veel meer, ja, waarlijk, te veel om op te noemen, maken een ritje tot een oogstrelende genieting. Even vóór Verbania gaan we een paar kilometer richting Simplon en vinden een gezellige herberg en in de avonduren eten we gezellig met onze zoon en zijn vriendin die in de buurt met "haar" familie op een camping staat en die we weer later op de avond ook weer treffen als we meegaan en een poosje voor de tent zitten. Even voor middennacht lopen we nog even naar het meer en genieten van de enorme twinkeling die vanuit de overzijnde van het meer tot ons komt. Dan waggelen we door het donker met de eend naar onze herberg die er donker bij ligt en via de nachtingang bereiken we onze kamer. Zou het soms komen omdat italianen zich weinig tot niets aantrekken van de uit Brussel komende regelstortvloed en verder wars zijn van amerikaanse invloeden dat het hier zo goed toeven is? Dat je hier alleen maar Italiaanse "risto's" ziet? Dat ze hier italiaans, en louter italiaans spreken? En aldus overpijnzend op mijn leger sukkel ik in slaap, met de tekening van de kunstenaar op mijn netvlies en onwillekeurig denk ik dan aan het muziekstuk van Rossini: la donna del lago.
Aldus schreef ome Willem.
maandag 12 juli 2010
Genève
We hebben hem trouwens laat leren kennen en op zeker moment hebben we, omdat hij reeds de Julier, Albula, Fluela, Susten, Furka en nog een paar hoge bergen beklom, wit geschilderd met rode stippen er op. Later werd hij, zoals een ieder die niet kaal wordt, grijs, muisgrijs en inmiddels is hik de 30 gepasseerd en met deze respectabele leeftijd hebben we met onze oudste (muisgrijze) eend aan het einde van deze dag de Col du Grand San Bernard beklommen en zonder enige krimp kwamen we boven. Boven was er een heerlijke koelte en nadat we daar even een frisse neus haalden lieten we ons vallen, maar inplaats van warmte, gingen we een hevig onweder tegemoet die in Aosta echt begon uit te barsten. Gelukkig vonden we snel een herberg en na een heerlijk maaltijd legden we ons te rusten. Voor de bejaarde eend hebben we een standbeeld alhier aangevraagd. Oh, ja, en winnen van spanjaarden? Dat lukt natuurlijk nimmer in 120 minuten. Daar hebben we zeker (weer) tachtig jaar voor nodig.
Aldus schreef ome Willem.
Frankrijk
Aldus schreef ome Willem.
vrijdag 9 juli 2010
woensdag 7 juli 2010
Bakker Leurgans
Al enkele dagen is de vakantie aan de gang en denk nu maar niet dat ik die nutteloos doorbracht! Eerst Zaterdag, toen ging het al meteen mis. Maar dat had ik zondagavond pas in de gaten, want ik had een afspraak bij de dokter gemaakt op zaterdag maar op maandag op de kalender gezet! Overigens leg ik in het algemeen alleen doktersbezoeken af voor een rijbewijskeuring en ook nu was dit weer het geval, eens in de tien jaar dus en dit was dan ook de derde of vierde keer dat ik zo iemand bezoek. Nee, doktoren zullen het niet van mij moeten hebben. Maar goed, maandagmorgen vroeg gebeld en de zaak uitgelegd wat resulteerde dat ik in de avonduren terecht kon en nadat ik door de medicus was onderzocht bleek dat mijn bloeddruk 120 - 60, mijn beide ogen 1.00 en mijn suikergehalte zelfs nul te zijn en toch keurde die mij goed. Overdag met twee kleindochters naar een dierempark geweest en daar van nijlpaard tot ara, en van Flamingo tot pandebeer gewandeld en na afloop een pannenkoekje en toen was ook dat weer voorbij. Dinsdag heb ik mij langdurig laten martelem door een tandheelkundige waar de voorbereiding werden getroffen voor twee kronen. (waar een vakantie niet goed voor is) maar vanmorgen vertrokken naar, zo meende ik Katzandbak, maar het bleek Cadzand-bad te zijn waar ik vanmiddag als een, om in dierenparktermen te blijven, walrus in het zand aan de kust te luieren terwijl mijn ega naast bij mee-luierde en zo af en toe een bladzijdetje uit haar meegebrachte boek tot zich nam. Na afloop nog even door het dorp geslenterd en terwijl een grote meute, vooral duitsers, in warme zweetbedompte ruimten naar een partijtje balletjetrap zaten te kijken. En toen zagen we het, bakkerij Leurgans, hoe kom je er op, Leurgans. Ik ken toch veel rare namen, maar Leurgans? Na enige tijd ongelovig naar de naam te hebben gestaard zijn we verder geslenterd, het strand op. Wellicht zien we nog een walrus uit de zee opkomen die de kant raakt. Een zogenaamde kant en walrus.
Aldus schreef ome Willem.
zondag 4 juli 2010
Twee weken terug in de Alpen.
Simplonblick.
Engadin
zaterdag 3 juli 2010
De laatste dag.
De adelaar.
donderdag 1 juli 2010
Tijd.
Als het erg warm is kan het de volgende morgen nevelig zijn en dat ondervond ik vanmorgen toen ik na de eerste klant, UEberlingen, in Meersburg de boot op ging en de Bodensee overvoer en daar nauwelijks de overkant kon zien liggen. Wel prangde de zon met veel kracht door het neveldek heen en daardoor leek zij feller dan normaal. Vervolgens naar de grens met Zwitserland gereden en natuurlijk waren als vanouds de documenten niet in orde waardoor ik ruim drie uur in tijd verspeelde. Daarna gelost in Winterthur en vervolgens de richting van Jona opgegaan en daarbij kwam ik vlak in de buurt van Zell waar een trouwe lezer van dit blog woont en indien ik niet die drie uur tijdverlies had gehad zou ik wel bij hem zijn langs gegaan. Maar nu moest ik "vliegen", langs Sargans en Landquart en bij Chur er af, Churwalden, Lenzerheide, Tiefenkastel en vandaar de Julier en Maloja weer over en vervolgens via Lecco en Bergamo naar een oude stek. Trouwe lezers kennen het, La Padana te Montebello en daar een eenvoudige edoch voedzame maaltijd verorberd. Daarna lekker lang op het buitenmuurtje in een lucht van zware sjekrook en onder een afnemende, nog meer dan de helft volle maan, weer eens de europese problemen opgelost, althans getracht, en daarna, met in de verte een weerlichten en onder dreiging van komend onweder, naar Motel Daf. Vandaag waren de boeren overal aan het maaien, oogsten en dorsen en wordt het land langzaam prijsgegeven aan ongenadige zonnestralen. De zomer is thans goed begonnen en voorlopig zal er geen eind aan komen en spoedig zal het verlangen naar een koelere periode weer de kop opsteken, een koele periode, een koele plek, dat had ik daarnet, onder de airco van de knaagschuur, en vanmiddag, boven op de Julier, de alp die daar al sinds mensenheugenis ligt, sinds mensenheugenis, niet langer, want dat kan niet en daarmee weerspreek ik met klem alle onzinverhalen over een miljoenen jaren oude aarde, want dat kan niet. Immers tijd is er alleen en kan alleen bestaan indien deze kan worden waargenomen, waargenomen door intellect, mensenverstand zo u wilt. Tijd die niet is waargenomen heeft deswege ook nooit bestaan en dus ligt die berg er sinds mensenheugenis. En in ieder geval niet langer.
Aldus schreef ome Willem.
---